Home   Contact  Zoeken

Begrippenlijst (alles)

_ A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

A

AFM (Bank) Autoriteit Financiele Markten
AO/IC Administratieve Organisatie / Interne Controle (daarop).
Architectuur Het ontwerp van het geheel aan componenten die gezamenlijk de infrastructuur vormen.
Zie verder Architectuur-dimensies.
Asset management Administratie van eigendom.
Associate (Financieel management) Zie ook Deelneming.
Audit Objectieve controle op (meestal) de besturing.
Audit comité Commissie van RvC belast met verslaggeving.
Zie verder Corporate Governance.
AvA (Financieel management) Algemene Vergadering Aandeelhouders

B

Back end (ICT) Zie ook Client/Server.
BASEL II (Bank) Vanuit Basel-comité opgestelde richtlijnen m.b.t. solventie, die door de centrale banken worden overgenomen als regelgeving.
Zie verder BASEL II.
Baseline budget (Financieel management) Basisbudget waarin operatie en bepaalde veranderingen zijn opgenomen.
Baseline planning (Projectmanagement) Planning zoals die bij aanvang verankert is/wordt.
BCP (ICT) Business Continuity Plan
Zie verder Service Continuity Management.
BEANet (Bank) Netwerk voor afhandeling pinpas en chipknip betalingen.
Zie ook Interpay.
Belang (Financieel management) Aandelen/zeggenschap in een onderneming.
Zie verder Belang.
Best practice In de praktijk bewezen aanpak.
Zie verder Best practice.
Besturings-paradigma Zie verder Besturings-paradigma.
BGC (Bank) Bankgirocentrale.
Zie ook Interpay.
BIS (Bank) Bank for International Settlements
Zie verder BIS.
Bitmap (ICT) Zie verder Bitmap vs. Vectortekening.
BKR (Bank) Bureau Krediet Registratie
BPM (ICT) Business Process Management. Software om meerdere applicaties in een bedrijfsproces integraal aan te bieden.
Brokerage (Bank) Effectenverkeer
BTW (Financieel management) Belasting Toegevoegde Waarde
Zie verder BTW.

C

CAAP (Bank) Capital Adequacy Assessment Process
Zie verder Basel II, pillar 2.
Cargo (Luchtvaart) Vracht (i.t.t. vervoer mensen).
Catch 22 Dodelijke omarming (Deadlock). Afgeleid van de film Catch-22.
CEO Chief Executive Officer. Voorzitter van de raad van bestuur van een grote onderneming
CFO Chief Finanicial Officer. Hoogste financiële m/v.
CHAOS-report (Projectmanagement) Zie verder CHAOS-report.
Chartaal (Bank) Wettige betaalmiddelen zoals munten en biljetten
Chinese walls (Bank) Mindsetter voor functiescheiding ('muren' tussen functies).
CIO Chief Information Officer. Voorzitter van het bestuur van een grote IT-organisatie.
Clearing (Bank) Zie verder Clearing & Settlement.
Client/Server (ICT) Technologie waarbij een (frond end) applicatie op een werkstation als interface dient naar een centrale applicatie op een (back end) server.
CMDB (ICT) Configuration Management DataBase, de registratie van alle componenten.
Zie verder Configuration Management.
CMM .
Zie verder Capability Maturity Model.
Cobb's Paradox Zie verder Cobb's Paradox.
Competentie Vaardigheid
Zie verder Competentie.
Consolideren (Financieel management) Het samenvoegen van financiële cijfers van onderneming en dochterondernemingen.
Zie verder Consolideren.
Control Grip
Zie verder Control.
COO Chief Operation Officer.
COPAFIT (Projectmanagement) Belangrijkste projectdimensies volgens de Postbank: Commercieel, Organisatorisch, Personeel, Aanpak, Financiëel, Informatie, Technisch.
Zie ook TGKIO.
Corporate Governance Zie verder Corporate Governance.
COSO (Financieel management) Zie verder COSO.
Crediteur (Financieel management) Een leverancier.
CRM (ICT) Customer Relationship Management. Sofware voor relatiebeheer/management.
CUA (ICT) Common User Access. Conventies uit jaren tachtig voor gestandaardiseerde GUI.
Zie ook GUI.

D

Debiteur (Financieel management) Een klant.
Decide to decide Het gaan nemen van een besluit is een besluit.
Zie verder Decide to decide.
Deelneming (Financieel management) Zie verder Belang.
Default (Bank) Niet meer in staat schulden te voldoen (surseance/failliet).
Delphi-methode Wanneer onbekend is hoeveel werk een taak is, vraag dan meerdere mensen een schatting af te geven voor die taak.
Deviezen (Bank) Buitenlands geld(tegoeden).
DHCP (ICT) Dynamic Host Configration Protocol. Een netwerkprotocol om systemen een netwerkadres te verstrekken uit een pool beschikbaar gestelde adressen.
DIN Deutsche Industrie Norm (Standaard)
DIS (ICT) Documentie Informatie Systeem. Opslag en terugvinden van documenten.
Zie verder DIS.
Discretionary project (Projectmanagement) Een project dat niet uit het baseline budget wordt gefinancierd.
DNB (Bank) Zie verder De Nederlandse Bank.
DNS (ICT) Domain Name Server, een server die logische namen vertaalt naar netwerkadressen.
Dochter (Financieel management) Zie verder Belang.
Down time (ICT) Periode dat een service beschikbaar is.
Zie verder Availability Management.
DSDM (ICT) Dynamic System Development Method
DSI (Bank) Dutch Securities Institute. Klachtencommissie effectenverkeer.
Duur (Projectmanagement) De doorlooptijd die een project/fase/taak vraagt.

E

EBA (Bank) Zie verder European Banking Association.
ECB (Bank) Zie verder Europese Centrale Bank.
EDI (Logistiek) Electronic Data Interchange.
Effectiviteit De mate waarin het doel bereikt wordt. Effectiviteit is SMART te maken.
Effectueren Het daadwerkelijk invoeren van een nieuw proces, systeem of werkwijze.
Efficiency Hoe de inspanning (het werk) zich verhoudt tot het resultaat. Efficiency is altijd relatief ten opzichte van een andere aanpak.
Effort Zie ook Inspanning.
Eigenaar Een eigenaar van een proces, component of aandachtsgebied en is daar ook verantwoordelijk voor.
Eisenhouwer (beslissen) Prioriteiten stellen
Zie verder Eisenhouwer (beslissen).
EMU (Bank) Europese Monetaire Unie
End to End Alles inbegrepen.
ERP (ICT) Enterprise Resource Planning. Logistieke/administratieve afhandeling en planning over bedrijfsprocessen.
ESCB (Bank) Europees Stelsel van Centrale Banken

F

Facility Management Zie verder Facility Management.
Fase (Projectmanagement) Een fase of deelproject is een serie taken met een herkenbaar en bruikbaar tussenresultaat.
FIFO First In First Out
Focal point Zie ook SPOC.
Front end (ICT) Zie ook Client/Server.

G

GAAP (Bank) Generally Accepted Accounting Principles, een combinatie van regels en gezonde principes.
Geldmarkt (Financieel management) Handel in geld (vermogen aantrekken en kredieten verstrekken).
Giraal (Bank) Cijfermatig (via rekeningen met schulden en tegoeden).
Governance Besturing.
GUI (ICT) Graphical User Interface

H

Hiërarchie In een hiërarchie stijgt elk personeelslid tot het niveau van zijn incompetentie (Dr. Laurence J. Peter, geb. 1919).
HTTP (ICT) HyperText Transfer Protocol
Zie verder HTML (intro).

I

IAS (Financieel management) International Accounting Standards
Zie ook IATA.
IASB (Financieel management) IAS Board
Zie verder IASB.
IATA (Luchtvaart) International Air Transport Association (IATA)
IFRS (Financieel management) International Financial Reporting Standard
Zie verder IFRS.
Impairment (Financieel management) Afboeken van de waarde van activa omdat de actuele waarde lager is.
Zie verder IAS 36.
Inspanning De hoeveelheid werk (effort) die nodig is om een resultaat te bereiken.
Intermediair Tussenpersoon.
Interpay (Bank) Organisatie die binnenlands betalingsverkeer afhandeld
Zie verder Interpay.
Investering (Financieel management) Zie verder Belang.
IPMA (Projectmanagement) Zie verder International Project Management Association.
ISO International Standards Organization
Zie ook OSI.
ITIL (ICT) Zie verder Information Technology Information Library.

J

Jaarrekening (Financieel management) Balans en Verlies & winstrekening
Jaarverslag (Financieel management) Toelichting op de jaarrekening
JIT Just in Time.

K

Kanaliseren Een oplossing richting geven (handjes geven).
Kapitaalmarkt (Financieel management) Handel in waardepapieren zoals aandelen en obligaties.
KPI Key Performance Indicator, een indicator die representatief is voor de prestaties een proces of project.
Zie verder SMART.
KTP Korte termijn plan (< 1 jaar).

L

Life Cycle De levenscyclus van een systeem, van idee t/m uitfasering.
LIFO Last In First Out
Liquiditeit (Financieel management) Het vermogen op korte termijn aan verplichtingen te kunnen voldoen (voldoende vrij geld om te kunnen ondernemen).
LOB Line of Business (bedrijfsonderdeel/activiteit).
Loro (Bank) Eigen munteenheid (i.t.t. Nostro)
LTP Lange termijn plan (4 à 5 jaar).

M

Management by exception Zie verder Management by exception.
Maslow Behoeftenpyramide
Zie verder Maslow.
Mind map Techniek om gedachten visueel te ordenen.
Mindset Zie ook Referentiekader.
Mintzberg Zie verder Mintzberg.
MOT (Bank) Wet melding ongebruikelijke transacties
MTBF (ICT) Mean Time Between Failures. Gemiddelde tijd tussen fouten.
Zie verder Availability Management.
MTP Middellange termijn plan (1 à 2 jaar).
MTTR (ICT) Mean Time To Repair
Zie verder Availability Management.
Murphy Wet van Murphy: Alles wat er mis kan gaan, gaat ook mis. Bedoeld als mindset om voorbereid te zijn op verstoringen.

N

NEN Nederlandse Norm (Standaard)
NIAM (ICT) Nijssens Informatie Analyse Methode.
NIBE-SVV (Bank) Zie verder NIBE-SVV.
NMA Nederlandse Mededingings Autoriteit. Toezichthouder op eerlijke concurrentie.
Nostro (Bank) Vreemde munteenheid (i.t.t. Loro)
NVB (Bank) Nederlandse Vereniging van Banken

O

Octrooi Een tijdelijk alleenrecht op een nauwkeurig omschreven technisch idee (een uitvinding).
OPTA Toezichthouder post en telecom.
OR Ondernemingsraad.
Zie verder Corporate Governance.
OSI (ICT) Open Systems Interface, een referentiemodel voor netwerklagen (zoals ook SNA van IBM en vroeger DNA van Digital).
Zie verder OSI-model.
Out of scope Geen onderdeel van de opdracht.
Zie ook Scope.
Owner Zie ook Eigenaar.

P

PA Productie afspraak
Parkinson Wet van Parkinson: Projectmedewerkers maken altijd de aan hen toegewezen tijd op.
PAT (ICT) Productie Acceptatie Test
Patent Zie ook Octrooi.
Pavlov Man van experiment over aangeleerd gedrag
Zie verder Pavlov.
PCGD (Bank) Postchecque & girodienst.
PCOAB Zie verder Public Company Accounting Oversight Board.
PDA (ICT) Personal Digital Assistant. Verzamelnaam voor handheld computers.
PERT/CPM (Projectmanagement) Techniek voor netwerkplanning.
Zie verder PERT/CPM.
PID (Projectmanagement) Zie verder Project Initiation Document.
PMBOK (Projectmanagement) Project Mangement Body Of Knowledge. Zoals Prince 2 een best practice.
Portal (ICT) Startpagina met routes naar verschillende sites.
Prioriteit Zie verder Prioriteit.
Procedure Zie verder Procesbeschrijving.
Proces Zie verder Processen.
Programma (Projectmanagement) Een serie projecten met een gemeenschappelijk thema of strategisch doel.
Project (Projectmanagement) Een project is een verzameling taken met een gemeenschappelijk einddoel. De taken zijn eventueel onderverdeeld in fasen.

R

RAD (ICT) Rapid Application Development (Trail & error ontwikkel-methode).
RAG Zie verder Red, Amber en Green.
RAROC (Bank) Risk Adjusted Return On Capital
Zie verder RAROC.
Rating (Financieel management) Beoordeling die een onderming krijgt op basis van o.m. solvabiliteit en risicobeleid.
Zie verder Ratings.
Referentiekader Kader, gedachtengoed van waaruit geredeneerd en gehandeld wordt.
Rendement De verhouding tussen de investering en het resultaat
Rentemarge (Bank) Verschil tussen betaalde en ontvangen rente.
Retail Markt met particulieren (t/m modaal)
RFC Request for change, een verzoek om een wijziging door te voeren.
Zie verder Change Management.
RFI Request for information, een verzoek om informatie aan te leveren.
RFP Request for proposal, een verzoek om een voorstel/offerte te doen.
ROB (Bank) Zie verder Regeling Organisatie en Beheersing.
ROI Return On Investment.
Zie ook Rendement.
RONA (Financieel management) Return on Net Asset. Het rendement op geïnvesteerd vermogen als indicator voor de winstgevendheid.
RUP (ICT) Rational Unified Process (gebaseerd op UML)
Zie ook UML.
RvB Raad van Bestuur (Directie)
Zie verder Corporate Governance.
RvC Raad van Commissarissen (Toezicht/advies directie)
Zie verder Corporate Governance.

S

Sarbanes-Oxley (Financieel management) Zie ook SOX.
SCM (ICT) Supply Chain Management. Management van 3e partijen.
Scope Dat wat binnen de opdracht valt.
SDM II (ICT) System Development Method II. Door pandata ontwikkelde systeemontwikkelingsmethode. Tegenwoordig bekend als waterval-methode.
Secuturisatie (Bank) Zie verder Secuturisatie.
Settlement (Bank) Zie verder Clearing & Settlement.
SLA (ICT) Service Level Agreement
Zie verder SLA.
SLM (ICT) Service Level Management
Zie verder SLM.
SMART Zie verder SMART.
SNA (ICT) System Network Architecture. IBM's referentiemodel voor netwerken.
Solvabiliteit (Financieel management) De financiele draagkracht op lange termijn (bezit een onderneming voldoende eigen vermogen ten opzichte van de schulden).
Solvency II (Bank) Richtlijnen voor risicomanagement bij verzekeraars (vergelijkbaar met Basel II).
SOX (Bank) Sarbanes-Oxley. Aangescherpte regelgeving m.b.t. operationeel risk management financiële instellingen.
Zie verder SOX.
SPOC Single point of contact.
SPOF Single point of failure.
SPV (Bank) Special Purpose Vehicle
Zie ook Secuturisatie.
Stakeholder Belanghebbende (partij).
Zie verder Corporate Governance.
Stuurgroep (Projectmanagement) Gremium van belanghebbenden.
Zie ook Stakeholder.
SWIFT (Bank) Naam van internationaal banksysteem alsook van de organisatie die dat systeem beheert.
Zie verder SWIFT.
Systeemrisico (Bank) Risico op onderuitgaan systeem van banken
Zie verder Systeemrisico.

T

Taak Een taak of activiteit is een geïsoleerd stuk werk dat wordt uitgevoerd door mensen of systemen.
Tabaksblat Code voor bestuurders (Corporate governance) opgesteld door de commissie Tabaksblat.
Zie verder Code Tabaksblat.
TCO (ICT) Total Cost of Ownership
Zie verder Total Cost of Ownership.
Teamrollen Zie verder Teamrollen (Belbin)..
TGKIO (Projectmanagement) Belangrijkste projectdimensies volgens Twijnstra & Gudde: Tijd, Geld, Kwaliteit, Informatie, Organisatie.
Thin client (ICT) Zie ook Client/Server.
Thuislandbeginsel (Bank) Toezicht op banken is verwantwoordelijkheid toezichthouder van het land waar het hoofdkantoor van die bank is gevestigd.
Tier Engels voor laag. Gebruikt in termen als 3-tier systemen (client, middleware, server), alsook lagen van bestuur.
Treasury (Financieel management) Het actief beheer van vermogen. Actief in de zin dat beschikbaar vermogen wordt uitgezet op kapitaal-, geld- of valutamarkt.
Turnkey Totaaloplossing
Zie ook End to End.

U

UML (ICT) Unified Modelling Language (ontwikkeltechniek).
Up time (ICT) Periode dat een service beschikbaar is.
Zie verder Availability Management.

V

Valutamarkt (Financieel management) Handel in valuta met doel winst te maken op koersverschillen
VAR Value At Risk
Varkenscyclus Verschijnsel dat in schaartste iedereen op het gat in de markt duikt waardoor er een overschot ontstaat, prijs omlaag gaat en productie weer afneemt….zodat er weer schaarste ontstaat.
Vector(tekening) (ICT) Zie verder Bitmap vs. Vectortekening.

W

WFD (Bank) Zie verder Wet Finaniciele Dienstverlening.
Wholesale Markt met grote bedrijven, vermogende particulieren.
WID (Bank) Wet identificatie bij Dienstverlening
WIFM What's in it for me? Mindsetter om na te denken over wat iemand beweegt.
WINS (ICT) Windows Internet Naming Server, een server die logische namen vertaalt naar netwerkadressen. Microsoft tegenhanger van DNS en is i.t.t. DNS dynamisch.
Zie ook DNS.
WTA (Financieel management) Wet toezicht accountants
WTE (Bank) Wet Toezicht Effectenverkeer. Dit is verder uitgewerkt in de zogenaamde Nadere Regeling.
WTK (Bank) Wet toezicht kredietwezen
Wvttk Wat verder ter tafel komt.
WYSIWYG (ICT) What You See Is What You Get.

Y

Yield (Financieel management) Winstmarge.

Z

Zero based budgetting Budget definiëren aan de hand van te maken kosten (vooraf berekenen in tegenstelling tot budget vorig jaar nemen plus of min een percentage).


www.siemons.info
© Copyright William Siemons, Netherlands 2001-2007. 
Counter