Middelen
Met middelen zijn er twee soorten tijdsduren m.b.t. een taak:
| - Duur |
De doorlooptijd van een taak. |
| - Inspanning |
De benodigde menskracht om een
taak uit te voeren uitgedrukt in mandagen. |
Voorbeeld:
Wanneer voor een taak 15 mandagen nodig zijn, en de taak
mag maar 5 mandagen duren, wordt dit gerealiseerd door 3 personen in te
zetten. Dan bedraagt de duur 5 mandagen en de inspanning 15 mandagen.
Andersom, wanneer er voor dezelfde inspanning maar twee mensen beschikbaar
zijn, wordt de duur van de taak 7½ mandagen bij gelijkblijvende inspanning.
De twee verschillende benaderingen worden hieronder verder
toegelicht.
Plannen op duur
Bij plannen gebaseerd op duur
bepaald de duur van de taak de benodigde inspanning.
Wanneer
er daardoor een capaciteitstekort ontstaat zal dit door het inlenen van
extra mankracht moeten worden opgelost.
Het benodigd aantal mensen is gelijk aan de duur gedeeld door de
hoeveelheid werk. |
 |
Plannen met middelenvereffening
| Bij middelenvereffening (Engels:
resource leveling) wordt de duur van de taak bepaald door de beschikbare
capaciteit.
Deze methode vereist behoorlijk veel meer rekenwerk, omdat tijdens het
doorrekenen van het netwerk, voor iedere taak de op dat moment beschikbare
capaciteit moet worden vastgesteld. Pas daarna kan de duur van een taak
worden vastgesteld.
De duur van een taak wordt gelijk aan de inspanning die nodig is gedeeld
door het aantal beschikbare personen.
|
 |
Soorten middelen
| Middel |
Een middel dat vereffenbaar is (bijvoorbeeld
menskracht). |
| Niet vereffenbaar |
Een middel dat niet vereffenbaar is
(bijvoorbeeld een duur computersysteem). |
| Kosten |
Kosten voor een taak (kunnen vast of lineair
zijn). |
[ Vorige ] [ Omhoog ] [ Volgende ]
|